‘In het begin was het Woord’

08-04-2015 Artikel van Holger Niederhausen

Wie zou van zichzelf kunnen zeggen, dat hij in de nabijheid van deze woorden zou kunnen komen? Bij hun bedoeling, hun betekenis, hun klank, hun hoogte? Bij dat, waarvan zij spreken… Juist deze eerste vier zinnen van het Johannes-evangelie, had Mieke Mosmuller als inhoud van het derde zomerseminar gekozen . En bij de afsluiting van dit buitengewone seminar benadrukte ze aan het einde van de gemeenschappelijke innige terugblik, dat het niet zo is, dat zij de inhouden van deze seminars bewust uitzoekt- maar dat deze enige tijd van te voren zich aandienen, dat de thema’s zelf komen.

De Proloog van het Johannes Evangelie was dus het thema van deze vier dagen geworden – en uit Holland, Duitsland, Zwitserland en Denemarken kwamen wederom bijna dertig mensen, die ondertussen al hartelijk met elkaar verbonden waren en een nieuwe intensieve samenwerking vol vreugde en verwachting tegemoet zagen.

Maar wie zou kunnen verwachten, het oerbegin te kunnen naderen? De Logos? Het geheim tussen de Vader en de Zoon? Het begin van de schepping nog voor het begin van de tijd…
Op verschillende geesteswegen leidde Mieke Mosmuller ons in dit geheim binnen – een weg die eigenlijk onmogelijk schijnt, die echter – zoals je vol verwondering beleeft – in deze vier dagen werkelijk gegaan werd. Je beleeft dat je gegaan bent. Je kan niet zeggen hoe ver. Alles schijnt je geheel en al ontoereikend toe. En toch ervaar je met grote dankbaarheid, dat niet slechts de onmacht een alles overweldigende belevenis was, maar dat er in het gemeenschappelijke oefenen innerlijk ‘punten’, momenten, belevenissen waren, waar je ervoer: Nu, nu lukt het voor een deel wat gevraagd is, wat geprobeerd werd, waarvoor je met alle kracht je best doet. Vermoedens zijn dat dan, vermoedens van iets zeer groots, vermoedens van een buitengewone weg, waarop je nu misschien één enkele kleine stap gedaan hebt – maar welk een betekenis heeft die stap! Want hierdoor voel je werkelijk de weg, en begrijp je, dat hij werkelijk, werkelijk te gaan is, voor ieder mens, als die maar al zijn innerlijke krachten probeert te ontwikkelen. En wat een uitdaging, wat een zware uitdaging was het, wat in dit seminar werd gepoogd – en ook gedaan werd, heel voorzichtig beginnend, maar het ging toch juist ook om het begin!

Het dichtst nog bij het ons vertrouwde, gewone bewustzijn was de verdieping van de afzonderlijke woorden van de Proloog door Thomas van Aquino. En toch was die nabijheid slechts schijn, want wat voor een denken ontplooit deze Doctor angelicus! Hoe diep kan je aan zijn rustige en kristalhelder zich ontwikkelende gedachten beleven, wat het denken eigenlijk is; hoe zuiver het kan zijn, hoe diep het in de betekenis van de woorden kan onderduiken – en hoe hier het ware, hoge, heilige wezen van het denken-zelf aanvangt. Een heilig begrijpen, een erin onderduiken, een volledig je verbinden met de werkelijkheid, die diepe betekenis-volheid is, dat is het wezen van het denken, van de menselijke intelligentie. Iets heiligs, dat in staat is, het heiligste werkelijk te kennen, zich kennend met het gekende te verenigen.

En wanneer je vervolgt, hoe Thomas van Aquino zelfs het beleven van het kleine woord ‘bij’ (apud Deum, bij God) substantieel maakt, hoe ook hier ver voorbij het alledaagse intellect het mogelijk wordt om in de realiteit van datgene, wat een woord werkelijk betekent onder te duiken– zo is je volledig duidelijk geworden, dat het gewone denken hoogstens nog als een zuchtje wind langs de werkelijkheid strijkt en wij met het gewone denken eigenlijk alleen nog maar een ‘niets’ hebben…
Mieke Mosmuller leidt je ertoe om dit werkelijk te beleven. Stap voor stap leer je om dit met de eigen ziel te beleven, met het eigen denken gewaar te worden. Je leert, dit denken op een andere manier te ontwikkelen, krachtiger, dieper, zich verbindend met de werkelijke wil.

Met de kracht van het zich steeds meer in de realiteit bevindende denken kan dan eigenlijk ook pas een verdere stap gedaan worden, een verdere wijze van beleven gevonden worden, die we in deze vier dagen geoefend hebben: het beleven van de vroegste toestanden van de schepping, zoals Rudolf Steiner die beschrijft. Het is de grootse opgave om de door hem gesproken woorden niet alleen intellectueel te vatten en ter kennis te nemen, maar het hier beschrevene ook innerlijk zelf te doen. Een ‘naderen’ van de vroegste toestanden van de aarde, door in innerlijke activiteit trachten te beleven, wat dat is: de offerwil van de Tronen, de schenkende deugd van de Kyriotetes. Het is duidelijk, dat je de kosmisch-goddelijke dimensie van het oerbegin niet bereikt, en toch draag je dit alles in je – want de schepping is nog altijd aanwezig, en de mens is juist uit deze schepping voortgekomen. Wanneer we maar de moed hebben, dit serieus te nemen, is de weg van het werkelijke innerlijke doen het begin van een verdieping, die oneindig uitgebreid kan worden. En ook hier maakt iedere afzonderlijke stap het mogelijk, een vermoeden te krijgen, dat je hier een realiteit, een reëel kennen tegemoet treedt. – Wanneer de door Rudolf Steiner beschreven imaginatieve schilderingen zo intensief als maar mogelijk worden gemediteerd en de zuivere zielenkracht van het voelen sterker en sterker wordt, doordat deze kwaliteiten die in het voelen te vinden zijn steeds krachtiger worden voortgebracht –gedragen door het vermogen van het reine denken, en daardoor zonder aansluiting aan persoonlijke gevoelens of herinneringen - , kan deze zielenkracht uiteindelijk de brug naar de imaginatie worden.

De derde van deze wegen waren de klanken van de Proloog in het Latijn. Mieke Mosmuller voerde binnen in een klankmeditatie, waarin geprobeerd werd, innig in de bewegingen van de spraakorganen onder te duiken, zonder de reële wil werkelijk tot in de activiteit binnen te voeren. – Een terughouding van de wil kort voor de verwerkelijking van de uiterlijke beweging werd dus geoefend . – Deze zo sterk mogelijke bewustwording van de in de spraak werkende wil voert je naar een bewust beleven van de beweging van het etherlichaam en ook tot een intuïtie van het karma. Deze ken-beweging werd ook door een verdieping in de zichtbare eurythmie van de woorden van de Proloog (gegeven door Raphaela Kühne) versterkt.

De vierde weg bestond uit een verdieping in de planetenzegels van het eerste Goetheanum. Rudolf Steiner zelf schreef daarover, dat in de mens iets van de vroegste toestanden van de aarde- en mensheidsontwikkeling kan oplichten, wanneer hij zich met heel zijn ziel in de vormen van deze zegels inleeft. Wat hij in de voordrachtenreeks ‘Die Evolution vom Gesichtspunkt des Wahrhaftigen’¹ imaginatief in woorden schildert, hebben de figuren van deze zegels veelomvattend als inhoud in de vorm van een occult schrift. Door te trachten om je werkelijk met je gehele ziel in te leven in deze vormen, word je zeer duidelijk gewaar, dat dit nog een geheel andere, veel diepere toegang tot de werkelijkheid van deze vroegste toestanden is, als een intellectueel verklaren en interpreteren ooit zou kunnen zijn. Om te beginnen verbonden we ons intensief tekenend met de vormen van het Saturnus-, Zon-, en Maanzegel en hun overgangen en verdiepten ons dan ook meditatief hierin. Dit diepe inleven in de occulte schrift zal bij voldoende lange oefening uiteindelijk ertoe leiden, dat dit zich in de ziel in een door de inspiratie aangeraakt beleven uitspreekt.

Het moge duidelijk zijn, dat een vierdaags beleven van deze wegen bovenal steeds weer onmachtsbelevenissen met zich mee moet brengen. Maar met bewonderenswaardige helderheid verduidelijkte Mieke Mosmuller ook steeds weer, dat het niet om ‘resultaten’ gaat, maar om een ernstig ontwikkelen van het streven. En in de loop van deze vier dagen werd het streven zelf tot een belevenis. Het werd heel duidelijk, dat dit streven niet vergeefs of illusoir is, maar dat het in een beweging binnen voert, een weg doet voorvoelen en beleven. Een beleven van de geestesweg als realiteit – dat was wat door dit seminar voor iedere deelnemer als persoonlijk beleven mogelijk werd. Deze weg is nu al voor het derde jaar betreden en ervaart ieder jaar een verdere verdieping…En een reële gelijkenis was het, toen ondanks gebrekkige vaardigheden in het zingen, na het dagelijkse oefenen, aan het eind van het seminar in prachtige vorm en vierstemmigheid Mozarts ‘Ave verum corpus’ klonk.
Het werk van Mieke Mosmuller, ondersteund door Jos Mosmuller, verdient de grootste dankbaarheid, want met alle kracht werkt deze lerares in de geest voor een opstanding van de levende anthroposofie in de afzonderlijke mens.

¹ Er is een vertaling verkrijgbaar in de vertalingen van Pentagon.

Vertaling Lieke van der Ree

ChristusGlorie